Op de foto's kan worden geklikt voor een groter formaat (800x600) en nadere toelichting. De foto's zijn genummerd en het nummer wordt zichtbaar door er met de cursor op te gaan staan.
Muurwespen (genus Ancistrocerus) zijn wespen die nestelen in muurgaten en andere openingen. Voor het broed vangen ze rupsen en de broedcellen metselen ze dicht. In Nederland komen 13 soorten voor, waarvan er 6 zeldzaam zijn. De muurwespenwespen worden in determinatietabellen soms onderverdeeld in 3 groepen: groep parietum, groep parietinus en groep scoticus.
De wesp van de foto's is gevangen in mijn tuin te Koudekerke op 23 september 2010.
De determinatie is geschied met de tabel van de Duitse jeugdbond (DJN), Bestimmungsschlüssel für die Faltenwespen van Christian Schmid-Egger, 2003.
De tabel behandelt mannetjes en vrouwtjes apart. We kiezen voor mannetjes (foto 1 en 2).
1. Hoe verloopt de zijlijn van de 2e sterniet? Dan kiezen we voor recht of gelijkmatig licht gebogen (foto 1 en 2): naar 5.
5. De ribben in de groeve van de 2e sterniet zijn in het midden breder dan aan de zijkanten (foto 3): naar 6.
6. De boven-achterkant van het propodeum (foto 6) is niet bijna glad (antilope) en deze zijde en de de zijkanten hebben een leerachtige structuur; de achterzijde van het propodeum (met de vlinderfiguur) is versmald (foto 4); het metapleuron is mat of gepuncteerd; tergiet 7 is versmald: naar 7.
7. De binnenoogrand is geel getekend, soms zeer weinig (foto 5): naar 8
8. Op de tergieten 1-3 of 1-4 gele banden (foto 4); pronotum alleen in het midden geel (foto 4); tegulae zwart met hoogstens een kleine vlek aan de zijkant (foto 4); antennevlag in het midden donker (foto 5); de lengte van deze soort is 7-10 mm. Het mannetje van de foto's is 10,0 mm lang (foto 4).
De uitkomst is dan mannetje Ancistrocerus trifasciatus (groep parietinus).
Het aantal gele banden op het achterlijf van deze mannetjes is meestal 4 stuks, soms maar 3 en bij uitzondering een enkele keer 5. Van die laatste is hier een dorsale foto te zien en hier een laterale.
Sommige kenmerken van deze wesp komen in de tabel niet aan de orde, bijv. de vorm van de clypeus (kopschild).